Onderworpen aan de vennootschapsbelasting: dat lijkt vanzelfsprekend voor elke vennootschap. Toch zijn er vier voorwaarden, en de laatste wordt vaak vergeten. Voor een vzw of een overheidsgelieerde organisatie maakt net die voorwaarde het verschil tussen twee volledig andere belastingregimes.
Wie betaalt vennootschapsbelasting?
De vennootschapsbelasting geldt voor binnenlandse vennootschappen (art. 179 WIB 92). Wat een binnenlandse vennootschap is, staat in art. 2, §1, 5° WIB 92. Een overzicht van tarieven en basisregels vindt u in Vennootschapsbelasting.
De vier voorwaarden
Een organisatie valt onder de vennootschapsbelasting als ze aan alle volgende voorwaarden voldoet:
- Rechtspersoonlijkheid. Het gaat om een vennootschap, vereniging, inrichting of instelling met rechtspersoonlijkheid volgens het recht dat haar beheerst. Een buitenlandse entiteit zonder rechtspersoonlijkheid valt er ook onder als haar rechtsvorm vergelijkbaar is met een Belgische vennootschap met rechtspersoonlijkheid.
- Een onderneming of winstgevende verrichtingen. De organisatie exploiteert een onderneming of houdt zich bezig met verrichtingen van winstgevende aard. Zie Wat is een winstgevende activiteit?
- Een zetel in België. Ze heeft haar voornaamste inrichting of haar zetel van bestuur of beheer in België.
- Niet uitgesloten. De wet sluit haar niet uitdrukkelijk uit van de vennootschapsbelasting.
Statutaire of werkelijke zetel?
Voor de derde voorwaarde telt de werkelijke zetel: de plaats waar de vennootschap echt bestuurd wordt. Er geldt wel een vermoeden. Heeft een vennootschap haar statutaire zetel in België, dan wordt ze geacht hier ook haar voornaamste inrichting of zetel van bestuur te hebben. Dat vermoeden kan weerlegd worden. Meer daarover leest u in Wat is het verschil tussen een statutaire en een werkelijke zetel?
Wie is uitgesloten?
De vierde voorwaarde is geen theorie. Art. 180 WIB 92 sluit een reeks publiekrechtelijke instellingen uit, zoals:
- bepaalde intercommunales, samenwerkingsverbanden, projectverenigingen en autonome gemeentebedrijven;
- een aantal met naam genoemde instellingen, zoals de Vlaamse Vervoermaatschappij (De Lijn), de MIVB en Infrabel.
Daarnaast sluit art. 181 WIB 92 vzw's en andere rechtspersonen zonder winstoogmerk uit, als ze uitsluitend of hoofdzakelijk een bepaald doel nastreven. Voorbeelden zijn:
- het behartigen van de beroepsbelangen van hun leden;
- het verstrekken of steunen van onderwijs;
- het organiseren van handelsbeurzen of tentoonstellingen;
- erkende gezins- of bejaardenhulp.
Ook art. 182 WIB 92 speelt een rol. Bepaalde verrichtingen van een vzw gelden niet als winstgevend, bijvoorbeeld alleenstaande of uitzonderlijke verrichtingen, het beleggen van ingezamelde fondsen, of activiteiten die maar bijkomstig commercieel zijn.
Wie uitgesloten is, betaalt geen vennootschapsbelasting maar valt onder de rechtspersonenbelasting. Dat regime werkt heel anders. Zie Wat is het verschil tussen de vennootschapsbelasting en de rechtspersonenbelasting?
Waarom dit belangrijk is
Een vzw die te commercieel werkt, kan alsnog onder de vennootschapsbelasting vallen. Omgekeerd betaalt een vennootschap die ten onrechte denkt dat ze is uitgesloten, achteraf belasting en mogelijk interesten. Kijk de vier voorwaarden dus na bij de oprichting en telkens uw activiteiten veranderen.
Kort samengevat: vraag en antwoord
Wie is onderworpen aan de vennootschapsbelasting? Binnenlandse vennootschappen: organisaties met rechtspersoonlijkheid die een onderneming exploiteren of winstgevende verrichtingen doen, hun werkelijke zetel in België hebben en niet wettelijk uitgesloten zijn (art. 2, §1, 5° en art. 179 WIB 92).
Betaalt een vzw vennootschapsbelasting? In principe niet. Een vzw valt meestal onder de rechtspersonenbelasting, maar kan toch vennootschapsbelasting verschuldigd zijn als ze een onderneming exploiteert of winstgevende verrichtingen doet en niet onder de uitsluitingen van art. 181 en 182 WIB 92 valt.
Veelgestelde vragen
Volstaan rechtspersoonlijkheid en een Belgische zetel?
Nee. De organisatie moet ook een onderneming exploiteren of winstgevende verrichtingen doen, en mag niet uitdrukkelijk uitgesloten zijn op grond van art. 180 tot 182 WIB 92.
Welke zetel telt: de statutaire of de werkelijke?
De werkelijke zetel, dus de plaats van de voornaamste inrichting of van het bestuur. Een statutaire zetel in België doet wel vermoeden dat ook de werkelijke zetel hier ligt.
Betalen intercommunales vennootschapsbelasting?
Dat hangt af van de situatie. Art. 180 WIB 92 sluit bepaalde intercommunales en gelijkaardige samenwerkingsverbanden uit. Zij vallen dan onder de rechtspersonenbelasting.
Kan een vzw onder de vennootschapsbelasting vallen?
Ja, als ze een onderneming exploiteert of winstgevende verrichtingen doet die niet onder de uitzonderingen van art. 181 of 182 WIB 92 vallen.
Vragen over belastingen?
De advocaten van Wanted Law Tax luisteren graag naar uw verhaal. Neem gerust contact op!
Kom ook alles te weten over
Wat zeggen onze cliënten over de dienstverlening van Wanted Law?
Lees de reviews van onze cliënten.