Wat is de zetel van fortuin in de personenbelasting?
Eén van de criteria om te bepalen of iemand (fiscaal gezien) een rijksinwoner is en zo aan de personenbelasting is onderworpen, is de zetel van fortuin. Dit klinkt wat vreemd, maar wat wil het eigenlijk zeggen? Het gaat over het centrum van zakelijke en patrimoniale belangen, waarbij de overheid niet zozeer kijkt waar ‘het fortuin’ zich bevindt maar wel naar de plaats van waaruit een persoon zijn fortuin beheert (zie Cassatie 7 september 1965).
Om te weten of iemand een rijksinwoner is, gaat men ofwel kijken naar de woonplaats ofwel naar de zetel van fortuin. Dat betekent dat iemand die zijn vermogen beheert in België zonder hier te verblijven toch een rijksinwoner kan zijn.
Feitenkwestie
Het gaat dus over een feitenkwestie waarbij men tal van feitelijke elementen kan beoordelen. Wanneer de discussie tussen de administratie en de (eventuele) belastingplichtige zich voor de rechtbanken of hoven afspeelt, hebben deze dus een brede bevoegdheid om bepaalde zaken te interpreteren. Het Hof van Beroep te Brussel (Brussel 11 december 1998) stelde dat de zetel van fortuin de plaats is waar een persoon “inkomsten ontvangt, beheert en verbruikt”. Het ging in die zaak over een jonge man die in Costa Rica woonde en waar hij werkte voor een Belgische vennootschap. Het permanent verblijf werd aangetoond door de visastempels in het internationaal paspoort. De verblijven in België werden verklaard door familie-ontmoetingen (ouders) en de noodzaak van commerciële contacten voor het uitoefenen van zijn beroep. Uit deze zaak blijkt nog maar eens hoe de concrete feiten heel belangrijk zijn bij het bepalen van de zetel van fortuin. De jongeman had nochtans een inschrijving in België (hij was vergeten zich uit te schrijven) maar het Hof baseerde zich andermaal op de concrete feiten.
In een andere zaak werd er na een huiszoeking geoordeeld dat het vermogen werd beheerd op de plaats waar de bankuittreksels werden gevonden (zie Cassatie 7 mei 1996).
Nog een markant voorbeeld uit de rechtspraak (Gent 16 september 2014): Een man werkt op cruiseschepen en verblijft 11 maanden per jaar op een schip. Hij behoudt wel het domicilie en de bankrekening in België. Het Hof oordeelde dat de zetel van fortuin in België was en de man dus een fiscaal inwoner van België is. In deze zaak waren nochtans jaren aan een stuk aangiften teruggestuurd met de vermelding ‘nihil’ zonder dat daar reactie van de Fiscus op kwam. Toch meende het Hof dat het vertrouwensbeginsel gerespecteerd. Belastingplichtigen mogen niet verwachten dat de fiscale wet genegeerd wordt omdat er ooit bepaalde voordelen zijn genoten.
Woning in buitenland
Het is dus helemaal niet omdat u een woning in het buitenland heeft, dat u zomaar kan beweren dat uw zetel van fortuin daar ligt. Dat overkwam ook een zaakvoerder die in het buitenland (in dit concrete geval ging het over Israël) een woning, een lening en spaarrekening had. Echter, het Hof van Beroep (zie Antwerpen 8 mei 2001) oordeelde dat de man wel degelijk in België zijn zetel van fortuin had omdat hij een belangrijke functie had als bedrijfsleider van een BV in Antwerpen.
Energieverbruik
Om de zetel van fortuin te bepalen, gaat de fiscale administratie soms kijken naar het elektriciteits- of gasverbruik. Indien iemand aanvoert dat hij een pand slechts als tweede woning gebruikt, kan de Fiscus dit betwisten door op het meer dan gemiddeld energieverbruik te wijzen (zie Rb. Aarlen 3 februari 2016).
Vragen over belastingen?
De advocaten van Wanted Law Tax luisteren graag naar uw verhaal. Neem gerust contact op!
Kom ook alles te weten over
Wat zeggen onze cliënten over de dienstverlening van Wanted Law?
Lees de reviews van onze cliënten.