Een schadebeding in een consumentencontract is toegestaan, maar binnen strikte grenzen. U betaalde een factuur te laat, en plots staan er een forfaitaire vergoeding en interest bovenop. Mag dat? Ondernemingen mogen een schadebeding opnemen in hun algemene voorwaarden. Tegenover een consument moet zo'n beding wel aan enkele harde voorwaarden voldoen.
Wat is een schadebeding?
Een schadebeding legt op voorhand vast welke vergoeding een partij betaalt als ze haar verplichtingen niet nakomt. Bijvoorbeeld: "bij laattijdige betaling is een forfaitaire vergoeding van 10% verschuldigd". Zo hoeft niemand achteraf de werkelijke schade te bewijzen. Hoe dat in het gewone contractenrecht werkt, leest u in Wat is een schadebeding?
Tegenover een consument gelden drie toetsstenen uit het Wetboek van economisch recht (WER).
Toetssteen 1: wederkerigheid
Legt het contract een vergoeding op aan de consument die zijn verplichtingen niet nakomt, dan moet er een gelijkwaardige vergoeding tegenover staan ten laste van de onderneming als die zelf in gebreke blijft (art. VI.83, 17° WER). Wie 10% vraagt bij laattijdige betaling, moet dus zelf ook iets gelijkwaardigs betalen bij bijvoorbeeld een laattijdige levering.
Toetssteen 2: gelijkwaardigheid
De vergoedingen voor beide partijen moeten van dezelfde orde zijn. Ze hoeven niet wiskundig identiek te zijn. Maar een zware boete voor de consument tegenover een louter symbolische vergoeding ten laste van de onderneming volstaat niet.
Toetssteen 3: evenredigheid
Het schadebeding mag geen bedragen vastleggen die duidelijk niet evenredig zijn aan het nadeel dat de onderneming kan lijden (art. VI.83, 24° WER).
Wat als het beding niet voldoet?
Een onrechtmatig beding is verboden en nietig (art. VI.84 WER). Anders dan in het gewone contractenrecht wordt het dus niet verminderd tot een redelijk bedrag. Het valt helemaal weg. De onderneming kan dan geen forfaitaire vergoeding op basis van dat beding vorderen. De rest van het contract blijft in principe gelden. Hoe de rechter in het gewone recht een te hoog beding vermindert, leest u in Wat is een kennelijk bovenmatig schadebeding?
Bij betalingsachterstand: extra regels
Sinds 1 september 2023 regelt Boek XIX WER de betalingsachterstand van consumenten:
- De onderneming stuurt eerst een eerste herinnering, en die is gratis. Pas na een termijn van minstens veertien kalenderdagen mag het schadebeding spelen (art. XIX.2 WER).
- De herinnering vermeldt onder meer het verschuldigde saldo, het bedrag van het schadebeding en de termijn.
- Bijkomende herinneringen kosten maximaal € 7,50 plus portokosten.
- De verwijlinteresten mogen niet hoger zijn dan de referentie-interestvoet plus acht procentpunten (art. XIX.4 WER).
- De forfaitaire vergoeding bedraagt maximaal € 20,00 voor een saldo tot € 150,00, € 30,00 + 10% op de schijf tussen € 150,01 en € 500,00, en € 65,00 + 5% op de schijf boven € 500,00, met een absoluut maximum van € 2.000,00.
Een schadebeding met hogere bedragen dan de wet toelaat, wordt voor niet-geschreven gehouden. Die maxima gelden bovenop de toets van art. VI.83, 24° WER.
Lees ook Kan een onderneming de overeenkomst met de consument opzeggen buiten wanprestatie om? en Wat is het verschil tussen een schadebeding en een opzegbeding?
Kort samengevat: vraag en antwoord
Mag een schadebeding in een consumentencontract? Ja, als het evenredig is aan het mogelijke nadeel van de onderneming en als er een gelijkwaardige vergoeding tegenover staat wanneer de onderneming zelf in gebreke blijft (art. VI.83, 17° en 24° WER).
Hoeveel mag een onderneming aanrekenen bij laattijdige betaling door een consument? Na een gratis eerste herinnering en veertien dagen: verwijlinteresten tot de referentie-interestvoet plus acht procentpunten en een forfaitaire vergoeding van maximaal € 20,00, € 30,00 + 10% of € 65,00 + 5% (max. € 2.000,00), afhankelijk van het saldo (art. XIX.4 WER).
Veelgestelde vragen
Mag de rechter een onrechtmatig schadebeding verminderen?
Nee. Tegenover een consument is een onrechtmatig beding nietig en valt het volledig weg (art. VI.84 WER).
Moet de eerste herinnering gratis zijn?
Ja. Bij een betalingsachterstand van een consument mag voor de eerste herinnering niets worden aangerekend (art. XIX.2 WER).
Wat als het bedrijf alleen voor mij een boete voorziet?
Dan is het beding onrechtmatig, omdat er geen gelijkwaardige vergoeding ten laste van de onderneming tegenover staat.
Geldt dit ook tussen ondernemingen?
Tussen ondernemingen wordt een kennelijk onevenredig schadebeding vermoed onrechtmatig te zijn (art. VI.91/5, 8° WER). De regels van Boek XIX gelden alleen voor consumenten.
Nog vragen?
Contacteert u gerust de advocaten van Wanted Law. Zij staan voor u klaar om u te helpen!