Geweld of dwang bij een aannemingsovereenkomst: uw aannemer dreigt de werf stil te leggen, tenzij u bijbetaalt of een oplevering zonder voorbehoud tekent. Mag dat? En wat kunt u doen als u onder die druk toch hebt getekend? Hieronder leest u wanneer dwang een contract aantastbaar maakt, en wat u moet bewijzen.
Geweld is een wilsgebrek
Een contract is pas geldig als u er vrij mee instemt. Gaf u uw toestemming onder onrechtmatige druk, dan spreekt de wet van geweld. Dat is een wilsgebrek, net als dwaling en bedrog. Zie Wat zijn wilsgebreken?
Voor een aannemingsovereenkomst gelden dezelfde regels als voor elk ander contract. Sinds 1 januari 2023 staan ze in artikel 5.36 BW. Vroeger stonden ze in de artikelen 1111 tot 1115 van het oud BW. Geweld is volgens de wet alleen een nietigheidsgrond als u een contract sluit onder onrechtmatige dwang van uw medecontractant, die u doet vrezen voor een aanzienlijke aantasting van uw fysieke of morele integriteit of van uw vermogen, of van die van uw naasten. De algemene regels leest u in Geweld of dwang bij een overeenkomst
Hoe ziet dat eruit op een bouwwerf?
Enkele situaties die in de praktijk voorkomen:
- de aannemer dreigt de werken stil te leggen als u geen extra bedrag betaalt dat nooit werd afgesproken;
- de aannemer weigert verder te werken tenzij u een oplevering zonder voorbehoud ondertekent;
- de aannemer zet u onder druk om een meerwerk te aanvaarden tegen een prijs die u nooit zou aanvaarden.
Niet elke dreiging is geweld. Twee voorwaarden zijn belangrijk:
- de dwang moet onrechtmatig zijn. Wie dreigt met een middel waarop hij recht heeft, bijvoorbeeld de werken schorsen omdat u een verschuldigde factuur niet betaalt, oefent in principe geen onrechtmatige dwang uit;
- de dwang moet doorslaggevend zijn geweest. Zonder die druk had u niet, of niet zo, getekend.
Of de aannemer de werken mag stilleggen, leest u in Mag mijn aannemer de werken zomaar stilleggen?
Afhankelijk van uw aannemer: misbruik van omstandigheden
Een bouwheer is vaak afhankelijk van zijn aannemer, zeker als de werken al ver gevorderd zijn. Een andere aannemer vinden kost tijd en geld. Die afhankelijkheid alleen is nog geen geweld.
Maakt de aannemer wel misbruik van uw zwakke positie, en ontstaat er daardoor een kennelijk onevenwicht tussen wat u krijgt en wat u betaalt, dan kunt u zich beroepen op een ander wilsgebrek: misbruik van omstandigheden (art. 5.37 BW). U kunt dan vragen om uw verbintenissen aan te passen. Was het misbruik doorslaggevend, dan kunt u ook de nietigheid vragen.
Wat verandert er vanaf 2027?
Voor aannemingscontracten gesloten vanaf 1 september 2027 geldt Boek 7 BW "Bijzondere contracten" (wet van 22 juli 2026, BS 23 september 2026). Dat boek bevat specifieke regels over aanneming. De algemene regels over wilsgebreken, zoals geweld en misbruik van omstandigheden, blijven in Boek 5 BW staan.
Kort samengevat: vraag en antwoord
Wanneer is druk van mijn aannemer geweld? Als u een contract of een wijziging tekende onder onrechtmatige dwang die u deed vrezen voor een aanzienlijke aantasting van uw integriteit of vermogen, en die druk doorslaggevend was (art. 5.36 BW).
Wat als de aannemer misbruik maakt van mijn afhankelijke positie? Dan kunt u zich mogelijk beroepen op misbruik van omstandigheden (art. 5.37 BW) en een aanpassing van uw verbintenissen vragen, of de nietigheid als het misbruik doorslaggevend was.
Veelgestelde vragen
Is elke dreiging van mijn aannemer geweld?
Nee. Alleen onrechtmatige dwang die doorslaggevend was voor uw toestemming telt. Een aannemer die rechtmatig zijn rechten uitoefent, pleegt geen geweld.
Is mijn afhankelijkheid van de aannemer op zich al geweld?
Nee. Een economisch overwicht alleen volstaat niet. Wel kan het misbruik ervan een grond zijn voor misbruik van omstandigheden.
Hoe bewijs ik geweld?
Met alle bewijsmiddelen: e-mails, berichten, getuigen, notities. Zonder schriftelijke sporen is het bewijs vaak lastig, dus leg alles zo snel mogelijk vast.
Wat gebeurt er als het contract nietig wordt verklaard?
Het contract verdwijnt in principe met terugwerkende kracht. Wat al gepresteerd werd, moet dan worden teruggegeven of vergoed. Bij een bouwwerk gebeurt dat in de praktijk vaak via een vergoeding in geld.