De toerekening van een betaling bepaalt welke schuld u met uw geld aflost. U heeft bij dezelfde leverancier twee openstaande facturen, maar u betaalt maar één bedrag. Welke factuur is dan betaald? En gaat uw betaling eerst naar de interest, of naar de hoofdsom? De wet geeft een precies antwoord, in drie stappen.
Stap 1: u mag zelf kiezen
Heeft u meerdere schulden bij dezelfde schuldeiser, dan mag u bij de betaling zelf verklaren welke schuld u wilt voldoen (art. 5.208 BW). Dat recht heeft u als schuldenaar, tenzij die keuze in strijd is met de wet of met het contract.
Die regel geldt sinds 1 januari 2023, toen Boek 5 BW over verbintenissen in werking trad. Ze vervangt art. 1253 oud BW. Inhoudelijk is er weinig veranderd.
Tip: vermeld bij elke overschrijving duidelijk het factuurnummer. Zo is er achteraf geen discussie over welke schuld u betaalde.
Stap 2: eerst de interest, dan de hoofdsom
Uw keuzevrijheid heeft een belangrijke grens. Brengt uw schuld interest op, dan mag u zonder toestemming van de schuldeiser uw betaling niet eerst op de hoofdsom aanrekenen (art. 5.210 BW). Dat geldt zowel voor remuneratoire interest (de vergoeding voor een lening) als voor moratoire interest (verwijlinterest bij laattijdige betaling), en voor rentetermijnen.
Betaalt u een deel van de hoofdsom en de interest, maar niet de volledige schuld? Dan gaat uw betaling eerst naar de interest. Alleen als de schuldeiser ermee instemt, kan het anders. Dat artikel vervangt art. 1254 oud BW.
Over kosten, zoals invorderingskosten, zegt art. 5.210 BW niets. Of kosten vóór de hoofdsom komen, hangt dus af van wat u afsprak. Lees daarom de algemene voorwaarden na.
Stap 3: niets gekozen? Dan beslist de wet
Is er geen toerekening door de partijen gebeurd, dan volgt de wet een vaste volgorde (art. 5.209 BW, vroeger art. 1256 oud BW):
- eerst op de vervallen schulden, vóór de schulden die nog niet opeisbaar zijn;
- onder de vervallen schulden: op de schuld die u als schuldenaar het meeste belang had te voldoen, ook wel de "meest bezwarende" schuld genoemd;
- bij gelijk belang: op de oudste schuld;
- als alles gelijk is: naar evenredigheid over alle schulden, ook wel "ponds-pondsgewijs" genoemd.
Die volgorde is inhoudelijk niet veranderd ten opzichte van het oude recht. Ze werd alleen hernummerd.
Wat is de meest bezwarende schuld?
Dat is de schuld die voor u het zwaarst weegt. Denk aan een schuld met een hogere interestvoet, een schuld waarvoor een borg of een hypotheek werd gegeven, of een schuld waarop een schadebeding staat. Het gaat om uw belang als schuldenaar, niet om dat van de schuldeiser.
Kort samengevat: vraag en antwoord
Gaat mijn betaling eerst naar de interest of naar de hoofdsom? Eerst naar de interest. Alleen met toestemming van de schuldeiser mag u eerst de hoofdsom aflossen (art. 5.210 BW).
Wat als ik niet zeg welke schuld ik betaal? Dan volgt de wettelijke volgorde: vervallen schulden eerst, dan de meest bezwarende, dan de oudste, en tot slot een evenredige verdeling (art. 5.209 BW).
Veelgestelde vragen
Mag ik zelf kiezen welke factuur ik betaal?
Ja, in principe wel, als u dat bij de betaling verklaart. De keuze mag niet ingaan tegen de wet of het contract, en interest gaat voor op de hoofdsom.
Gaan kosten ook vóór de hoofdsom?
De wet regelt dat alleen voor interest. Voor kosten hangt het af van wat u contractueel afsprak.
Kunnen partijen een andere volgorde afspreken?
Ja. De wettelijke regels zijn van aanvullend recht. Een contract mag een eigen toerekeningsregeling bevatten.
Wat als twee schulden even oud en even bezwarend zijn?
Dan wordt de betaling naar evenredigheid over die schulden verdeeld.
Andere manieren waarop een schuld uitdooft