Alle sommen die aan een minderjarige toekomen op basis van een rechtelijke uitspraak
Alle geldsommen die aan een minderjarige toekomen krachtens een rechterlijke beslissing, moeten op een geblokkeerde rekening op zijn of haar naam worden geplaatst. Deze verplichting is vastgelegd in artikel 379, tweede lid oud Burgerlijk Wetboek.
De rechter moet ambtshalve, dus ook zonder dat iemand daarom vraagt, bevelen dat de aan het kind toegekende geldsommen worden geblokkeerd. De geblokkeerde rekening blijft onbeschikbaar tot aan de meerderjarigheid van het kind. Noch de minderjarige zelf, noch diens ouders kunnen over deze gelden beschikken tijdens de minderjarigheid. Wel behouden de ouders het vruchtgenot van de andere goederen van het kind.
Deze blokkering vormt een preventieve civielrechtelijke maatregel ter bescherming van het vermogen van de minderjarige. Ze houdt een beperking in van het gebruikelijke beheer- en genotsrecht van de ouders over de goederen van hun kind.
De bedoeling van deze wettelijke bepaling is om te waarborgen dat het geld dat een minderjarige ontvangt via een gerechtelijke procedure, niet vroegtijdig wordt aangetast of misbruikt en ten volle beschikbaar blijft voor het kind op het ogenblik dat het meerderjarig wordt.
De blokkering van de gelden van de minderjarige
De wet voorziet in een verplichte blokkering van alle geldsommen die aan een minderjarige worden toegekend krachtens een rechterlijk beslissing. Deze maatregel dient ambtshalve te worden toegekend, en vereist dus geen vermoeden dat de ouders het geld mogelijk zouden misbruiken of niet in het belang van het kind zouden aanwenden.
De blokkering geldt voor gelden die een minderjarige ontvangt op basis van een rechterlijke beslissing, zoals bijvoorbeeld een schadevergoeding. De maatregel heeft echter geen terugwerkende kracht, dus gelden die reeds ontvangen werden en door de ouders worden beheerd vallen buiten de toepassing van deze bepaling.
Bovendien kijkt men niet naar de oorsprong van de gelden, maar louter naar het feit dat ze voortvloeien uit een rechterlijke beslissing. Toch zijn er enkele belangrijke uitzonderingen:
- Opbrengsten uit het vruchtgenot van het vermogen van het kind komen toe aan de ouders. Deze vallen dus niet onder de blokkering.
- Geldsommen die aan de ouders zelf zijn toegekend, bijvoorbeeld kinderbijslag of gezinsbijslagen, zijn niet onderworpen aan de blokkering, ook al moeten ze in het belang van het kind worden aangewend.
- Arbeidsinkomsten van een minderjarige vallen buiten deze regeling. Hiervoor geldt een aparte wettelijke regeling in artikel 45 van de Arbeidsovereenkomstenwet, die voorziet in een specifieke toezichtsbepaling.
De bestanddelen van het ouderlijk gezag.
De onderhoudsverplichting van de ouders t.o.v. hun kinderen