Een vermogensrechtelijke verbintenis is de juridische band die ontstaat wanneer iemand u iets verschuldigd is, of u iemand anders. Denk aan een factuur die u moet betalen, een werk dat een aannemer moet afwerken of een schadevergoeding na een ongeval. Maar wanneer kan een schuldeiser zo'n prestatie echt afdwingen? En waar komt een verbintenis vandaan?
Wat zegt de wet?
Sinds 1 januari 2023 staat het verbintenissenrecht in Boek 5 van het Burgerlijk Wetboek (wet van 28 april 2022). Daarmee heeft het begrip "verbintenis" voor het eerst een wettelijke definitie. Vroeger kwam die definitie alleen uit de rechtsleer. Inhoudelijk veranderde er weinig.
Artikel 5.1 BW zegt het zo: een verbintenis is "een rechtsband op grond waarvan een schuldeiser van een schuldenaar, indien nodig in rechte, de uitvoering van een prestatie mag eisen."
In gewone woorden: er zijn minstens twee partijen. De schuldeiser mag iets eisen. De schuldenaar moet iets doen, geven of laten. Doet de schuldenaar dat niet vrijwillig, dan kan de schuldeiser naar de rechter stappen.
Waarom "vermogensrechtelijk"?
De verbintenis hoort bij uw vermogen: het geheel van uw bezittingen en schulden. Een schuldvordering is iets waard en kan worden overgedragen. Een schuld weegt op uw vermogen. Daarom spreekt men van een vermogensrechtelijke verbintenis. Een schuldvordering kunt u bijvoorbeeld verkopen aan een ander, via een overdracht van schuldvordering. Zie Wat is een overdracht van schuldvordering (cessie)?
De natuurlijke verbintenis: een bijzonder geval
Niet elke verbintenis is afdwingbaar. Artikel 5.2 BW omschrijft de natuurlijke verbintenis als een verbintenis waarvan de uitvoering niet kan worden afgedwongen. De rechter helpt de schuldeiser dus niet.
Toch heeft een natuurlijke verbintenis twee belangrijke gevolgen:
- Komt u ze vrijwillig na, zonder vergissing of dwang? Dan kunt u wat u betaalde niet terugvorderen.
- Erkent u ze, opnieuw zonder vergissing of dwang? Dan ontstaat er een nieuwe verbintenis die wél afdwingbaar is.
Een voorbeeld: u voelt zich moreel verplicht om een vriend financieel te steunen, maar juridisch bent u daartoe niet verplicht. Betaalt u toch, dan kunt u dat bedrag nadien niet terugeisen.
Uit welke bronnen ontstaat een verbintenis?
Artikel 5.3 BW noemt vier bronnen. Een verbintenis ontstaat:
- uit een rechtshandeling: dat is de koepelterm voor elke handeling waarmee iemand bewust een rechtsgevolg wil bereiken. Het kan om een eenzijdige rechtshandeling gaan, maar ook om een meerzijdige, zoals een overeenkomst. Zie Wat is een overeenkomst?
- uit een oneigenlijk contract: de nieuwe wettelijke term voor wat vroeger een "quasi-contract" heette. Het gaat om zaakwaarneming, onverschuldigde betaling en ongerechtvaardigde verrijking. Zie Wat zijn oneigenlijke contracten?
- uit de buitencontractuele aansprakelijkheid: bijvoorbeeld wie door een fout schade veroorzaakt. Sinds 1 januari 2025 staan die regels in Boek 6 van het Burgerlijk Wetboek.
- rechtstreeks uit de wet: verbintenissen die de wetgever zelf oplegt, los van een handeling of een fout.
Let op: eenzijdige en meerzijdige rechtshandelingen zijn dus geen twee aparte bronnen. Ze vallen samen onder de rechtshandeling. En de wet zelf is een volwaardige vierde bron.
Waarom is dat onderscheid belangrijk?
De bron bepaalt welke regels gelden. Voor een overeenkomst kijkt u naar de geldigheidsvoorwaarden, zoals toestemming en een geoorloofd voorwerp. Zie Wat zijn de geldigheidsvoorwaarden van elke overeenkomst? Bij een onverschuldigde betaling of een fout gelden andere regels. Wie de bron kent, weet dus ook welke verweermiddelen en termijnen gelden.
Kort samengevat: vraag en antwoord
Wat is een vermogensrechtelijke verbintenis? Een rechtsband waarbij een schuldeiser van een schuldenaar, desnoods via de rechter, de uitvoering van een prestatie mag eisen (art. 5.1 BW).
Wat zijn de vier bronnen van een verbintenis? Een rechtshandeling, een oneigenlijk contract, de buitencontractuele aansprakelijkheid en de wet zelf (art. 5.3 BW).
Veelgestelde vragen
Kan ik geld terugvorderen dat ik uit morele plicht betaalde?
Nee. Gaat het om een natuurlijke verbintenis die u vrijwillig en zonder vergissing of dwang nakwam, dan kunt u dat bedrag niet terugvorderen.
Kan ik een natuurlijke verbintenis afdwingen bij de rechter?
Nee, een natuurlijke verbintenis is per definitie niet afdwingbaar. Erkent de schuldenaar ze wel uitdrukkelijk, dan ontstaat een nieuwe, afdwingbare verbintenis.
Wat is het verschil tussen een rechtshandeling en een oneigenlijk contract?
Bij een rechtshandeling wil iemand bewust een rechtsgevolg bereiken. Een oneigenlijk contract ontstaat zonder zo'n wilsuiting, bijvoorbeeld wanneer u per vergissing iets betaalt wat u niet verschuldigd was.
Is het begrip verbintenis veranderd sinds 2023?
Inhoudelijk nauwelijks. Wel staat de definitie nu voor het eerst in de wet zelf, in artikel 5.1 BW, en heet het quasi-contract voortaan oneigenlijk contract.