Wat is een verbintenis?
Een vermogensrechtelijke verbintenis is een rechtsband tussen twee of meer personen, ontstaan krachtens de wet ingevolge een meer- of eenzijdige rechtshandeling of een andere menselijke gedraging, op grond waarvan de ene(n) jegens de andere(n), vaak over en weer, in geld waardeerbare en juridisch afdwingbare aanspraken kan formuleren.
Het Burgerlijk Wetboek heeft geen definitie gegeven van het begrip verbintenis. De omschrijving is dan ook tot stand gekomen door de de rechtsleer.
We overlopen hiernavolgend de verschillende onderdelen van deze eerder theoretische definitie.
1. De verbintenis is een rechtsband tussen personen.
De verbintenis is een rechtsbetrekking tussen minstens twee personen op grond waarvan de ene persoon opzichtens de andere persoon (al dan niet wederkerig) een vorderingsrecht heeft. Er is een verschil tussen een vorderingsrecht en een zakelijk recht. Een vorderingsrecht is een aanspraak van een persoon op een gedraging door de andere persoon. Deze gedraging kan zijn: doen, niet doen of geven. Er is bij een vorderingsrecht altijd een band tussen personen. Bij een zakelijk recht krijgt de titularis een bepaalde zeggenschap over een bepaalde zaak.
Zakelijke rechten, bijvoorbeeld het eigendomsrecht gelden erga omnes: iedereen moet ze respecteren. Dit is evengoed zo met vorderingsrechten. Natuurlijk kunnen vorderingsrechten niet afgedwongen worden in de zin dat u van een derde geen schuldenaar van de verbintenis kunt maken, maar het bestaan van het recht kan steeds aan derden worden tegengeworpen: derden moeten dit vorderingsrecht respecteren, en omgekeerd kunnen derden ook het bestaan van het recht inroepen.
2. De verbintenis ontstaat uit een rechtshandeling, of uit een menselijke gedraging.
Men zegt in het algemeen dat enkel de “wet” aan burgers verplichtingen kan opleggen. Welnu, in de eerste plaats bepaalt de wet dat een overeenkomst tussen partijen verbindende kracht krijg (art. 1134 lid 1 B.W.) De overeenkomst is een meerzijdige rechtshandeling. Ook kan een verbintenis ontstaan uit een eenzijdige rechtshandeling, zoals bijvoorbeeld het aanbod. Aan sommige andere menselijke gedragingen hecht de wet ook verbindende kracht, hoewel deze gedragingen geen rechtshandelingen zijn omdat ze niet bedoeld zijn om rechtsgevolgen te genereren. Denken we bijvoorbeeld aan een onrechtmatige handeling, die iemand verricht, waardoor aan een andere schade ontstaat. De artikelen 1382 e.v. BW knopen allemaal rechtsgevolgen, met name verplichtingen, aan een onrechtmatige gedraging.
Verbintenissen ontstaan dus uit eenzijdige of meerzijdige rechtshandelingen, onrechtmatige gedragingen, maar er is nog een derde tussencategorie van gedragingen waaraan de wet verbindende kracht geeft: de “quasi-contracten” of de “oneigenlijke contracten”. Dit zijn geheel vrijwillige daden van de mens, waaruit enige verbintenis ontstaat jegens een derde, en som een wederkerige verbintenis voor beide partijen ontstaat. Omdat deze verbintenissen gelijken op deze die uit een overeenkomst ontstaan, geeft men ze de naam “oneigenlijke” of “quasi-contracten”.
3. De verbintenis geeft aanleiding tot in geld waardeerbare aanspraken.
De verbintenis heeft steeds tot voorwerp iets te doen, iets niet te doen of iets te geven. Kenmerkend voor de vermogensrechtelijke verbintenis is dat ze steeds in geld waardeerbaar is in hoofde van de schuldeiser: zij is een actiefpost bij de schuldeiser, en een passiefpost bij de schuldenaar.
4. De verbintenis is juridisch afdwingbaar.
Wanneer de schuldenaar zijn aangegane verbintenis niet naleeft, dan kan de schuldeiser de schuldenaar voor de Rechtbank dagen en aldus de naleving ervan in rechte afdwingen. De afdwingbaarheid in rechte is een zeer belangrijk kenmerk van de juridische verbintenis, die haar onderscheidt van andere verbintenissen, zoals bijvoorbeeld vriendschappelijke afspraken, beleefdheidsregels, enz... De grens tussen een juridisch afdwingbare verbintenis en andere verbintenissen is niet altijd even gemakkelijk te maken.
Welke soorten verbintenissen zijn er?
Enerzijds bestaat er een vermogensrechtelijke verbintenis, en anderzijds een natuurlijke verbintenis. Een natuurlijke verbintenis situeert zich ergens tussen morele verplichtingen en vermogensrechtelijke verbintenissen. Deze verbintenis is namelijk niet afdwingbaar voor de rechter. Maar anderzijds is het ook zo dat indien de andere partij toch de natuurlijke verbintenis uitvoert, hij daarna niet meer de terugvordering kan verzoeken.