Wat met mijn alimentatie als de kinderen niet meer willen komen?
“Moet ik nog alimentatie betalen als mijn kinderen niet meer willen komen?”
Het is een vraag die we bijzonder vaak horen. Eén van de ouders wordt geconfronteerd met kinderen die weigeren nog op bezoek te komen, terwijl de alimentatieverplichting onverminderd doorloopt. Dat voelt vaak erg onrechtvaardig aan.
Kan deze ouder zijn/haar alimentatieverplichting dan tijdelijk “schorsen” tot de kinderen opnieuw langskomen? In deze Wanted Fact gaan we dieper in op deze begrijpelijke en vaak emotioneel geladen vraag.
Uw onderhoudsverplichting is onvoorwaardelijk
Volgens artikel 203 van het oud Burgerlijk Wetboek zijn ouders verplicht om, naar evenredigheid van hun middelen, in te staan voor de huisvesting, het levensonderhoud, de gezondheid, het toezicht, de opvoeding, de opleiding en de ontplooiing van hun kinderen. Deze verplichting loopt zelfs door na de meerderjarigheid, zolang het kind nog een opleiding volgt die niet voltooid is.
De onderhoudsverplichting is in principe onvoorwaardelijk: een kind kan niet “onwaardig” worden geacht om recht te hebben op onderhoud. Deze verplichting vloeit rechtstreeks voort uit de afstammingsband tussen ouder en kind. Het gedrag van het kind, zelfs als het de omgang met de ouder weigert, heeft in beginsel geen invloed op de onderhoudsplicht.
Met andere woorden: zelfs als uw kinderen ervoor kiezen om niet (meer) naar u toe te komen, blijft u in principe verplicht om een onderhoudsbijdrage te betalen.
Het gedrag van het kind of de (beperkte) omgangsregeling doen geen afbreuk aan de betalingsverplichting
U moet uw kinderen onderhouden naar "evenredigheid van uw middelen"
Volgens de wet moeten ouders bijdragen aan het onderhoud van hun kinderen naar evenredigheid van hun middelen. Dit houdt in dat kinderen recht hebben om te delen in de levensstandaard van hun ouders.
Bij de berekening van de onderhoudsbijdrage wordt onder meer rekening gehouden met de verblijfsregeling, wat men noemt de bijdrage in natura van elke ouder. Let wel: een gelijkmatig verdeeld verblijf (bv. een week-week regeling) sluit een onderhoudsbijdrage niet uit!
Het is zelfs perfect mogelijk dat een ouder een onderhoudsbijdrage moet betalen aan de andere ouder, ook al verblijven de kinderen evenveel bij elk van hen. Dit kan het geval zijn wanneer er een groot verschil is in financiële draagkracht tussen beide ouders.
Hoe berekenen we bij Wanted Law de onderhoudsbijdrage?
De berekening van onderhoudsgelden is niet eenvoudig en vereist maatwerk. Bij Wanted Law gebruiken wij de tabellen van de Gezinsbond om het bedrag te bepalen. We hanteren daarbij de volgende stappen:
1. Bijdrage van elke ouder in de samengevoegde middelen
We brengen alle inkomsten van beide ouders samen: inkomsten uit arbeid, onroerende en roerende goederen, en voordelen in natura (zoals bv. een bedrijfswagen, laptop, gsm, etc.). Op basis hiervan bepalen we de bijdrage van elke ouder in het totale gezinsinkomen, bijvoorbeeld 30% en 70%.
2. Verdeelsleutel van het verblijf
We bekijken hoe vaak het kind bij elke ouder verblijft. Deze verblijfverhouding geldt als een bijdrage in natura in het onderhoud van het kind. Als een ouder bijvoorbeeld 70% van de middelen heeft, maar het kind nooit bij zich heeft, is een correctie via een onderhoudsbijdrage nodig.
3. Verdeelsleutel toepassen op de gewone kosten kind
De gewone kosten (zoals voeding, kleding en huisvesting) worden bepaald aan de hand van de tabellen van de Gezinsbond, afhankelijk van de leeftijd van het kind. We passen zowel de inkomensverhouding als de verblijfsverhouding toe op deze kosten.
4. Correcties: kinderbijslag en fiscale voordelen
In de laatste stap houden we rekening met bijkomende elementen zoals de kinderbijslag en fiscale voordelen. Deze kunnen geheel of gedeeltelijk aan een van de ouders worden toegerekend.
Contacteer Wanted Law voor hulp!
Heeft u een probleem met de naleving van de verblijfsregeling of weet u niet hoeveel onderhoudsgeld uw ex moet betalen? Wanted Law staat u bij met raad en daad!