In een vorige Fact verwezen wij reeds een eerste keer naar het feit dat het nieuw Vlaams Woninghuurdecreet in aantocht is. Hoog tijd dus om wat dieper in te gaan op de diverse wijzigingen die deze nieuwe regelgeving met zich mee zal brengen.
Vandaag aan de orde: de opzegmodaliteiten!
Huurovereenkomsten van negen jaar
Wat dergelijke huurovereenkomsten betreft heeft de wetgever diverse zaken gewijzigd, opgeheven en/of toegevoegd. De voornaamste wijzigingen betreffen evenwel de volgende:
Als eerste versoepelt de wetgever onder meer de bestaande opzegmogelijkheid voor grondige renovatiewerken. Daarbij zal het voor de verhuurder vanaf januari 2019 mogelijk zijn om vanaf het verstrijken van de eerste driejarige periode te allen tijde de huur op te zeggen. Voordien beschikte de verhuurder louter over deze mogelijkheid bij het verstrijken van elke driejarige periode.
Vermoedelijk wou de wetgever hiermee tegemoet komen aan de wensen van de verhuurders. Keerzijde van de medaille is dan weer wel dat dit de woonzekerheid voor huurders vanaf het derde jaar sterk doet verminderen.
Daarnaast heeft de wetgever wel de bestaande soepele opzegregeling voor verbouwingswerken in hetzelfde gebouw opgeheven zodat de verhuurder niet zomaar meer verscheidende huurovereenkomsten in hetzelfde gebouw gelijktijdig kan beëindigen.
Ten tweede wordt met de nieuwe regelgeving de opzegmogelijkheid voor de verhuurder om te allen tijde het goed zelf te betrekken strikter. Met de nieuwe wet kan de verhuurder deze opzeg enkel maar gebruiken als hij zelf het goed persoonlijk zal betrekken. Indien het daarentegen de bedoeling is om bijvoorbeeld afstammelingen in de woning te laten intrekken, dan zal dit maar mogelijk zijn na het verstrijken van de eerste driejarige periode van de huurovereenkomst.
Positief voor de verhuurder is dan weer wel dat, mits het respecteren van de termijn van drie jaar, hij deze opzegmogelijkheid vanaf januari ook kan aanwenden met de bedoeling om er zijn wettelijk samenwonende partner te laten intrekken. De wetgever wou daarmee tegemoetkomen aan de recente maatschappelijke en demografische ontwikkelingen in de samenleving.
Nieuwe opzegmogelijkheid bij huurovereenkomsten van korte duur
Net zoals voordien het geval was, bestaat onder de nieuwe regelgeving nog steeds de mogelijkheid om een huurovereenkomst te sluiten voor een duur die korter is dan of gelijk is aan drie jaar.
Daar waar de wet op dit moment echter louter voorziet in de mogelijkheid voor zowel huurder als verhuurder om de overeenkomst op te zeggen mits de opzegging gebeurt ten minste drie maanden voor het verstrijken van de in de overeenkomst bepaalde duur, brengt de nieuwe huurwetgeving hier verandering in.
Voor alle overeenkomsten van korte duur die gesloten worden na 1 januari 2019 zal de huurder over een extra opzegmogelijkheid beschikken waarbij hij de overeenkomst op ieder ogenblik kan beëindigen mits inachtneming van een opzegtermijn van drie maanden.
In dat geval zal dan wel een vergoeding verschuldigd zijn aan de verhuurder. Deze zal variëren naargelang wanneer de huurovereenkomst exact ten einde komt.
De wetgever voorziet daarbij wel in een extra bescherming voor de huurder door uitdrukkelijk te voorzien dat de opzegtermijn en –vergoeding niet verschuldigd zal zijn indien de huurovereenkomst niet tijdig geregistreerd werd.
Daarnaast heeft de wetgever ook voor de “speciallekes” enkele wijzigingen aangebracht, zo onder meer voor de huurovereenkomsten die de duur van negen jaar te boven gaan. Zo voorziet de wetgever dat voor dergelijke overeenkomsten gesloten na 1 januari 2019 enkel de verhuurder de overeenkomst nog zal kunnen beëindigen, daar waar de verhuurder en huurder voordien over die mogelijkheid beschikten.
Wanted Law beantwoordt al uw vragen over het nieuw Vlaams Woninghuurdecreet!
In het licht van bovenstaande blijkt duidelijk dat alleen reeds wat de opzegmogelijkheden betreft aanzienlijke wijzigingen werden aangebracht. Het spreekt dan ook voor zich dat u zich als huurder of verhuurder maar beter goed laat informeren omtrent uw rechten en plichten.