Een huis of appartement huren - wat met de huurwaarborg?
U wenst een huis of appartement te huren als hoofdverblijfplaats, vindt het ideale stekje en bent financieel in staat om de maandelijkse huurprijs te betalen, maar dan wijst de verhuurder u op de verplichting om de huurwaarborg te volstorten.
Dit kan een zware last om dragen uitmaken, zeker bovenop de eerste maand huur. De maximale huurwaarborg is sinds de inwerkingtreding van het Vlaams Woninghuurdecreet (geldig voor huurcontracten gesloten na 1 januari 2019) van twee naar drie maanden huurprijs gebracht. Deze huurwaarborg in combinatie met de eerste huurmaand kan dus snel oplopen tot een groot bedrag.
Voor de verhuurder maakt dit natuurlijk een noodzakelijke zekerheid uit om zich in te dekken tegen de insolvabiliteit van zijn toekomstige huurder bij mogelijke schadegevallen of problemen. Beide partijen zijn aldus gebaat bij een vlotte afhandeling van dit struikelblok.
4 manieren om huurwaarborg te voldoen
De huurwaarborg is gelijk aan drie maanden huur en dient om mogelijke huurschade of huurachterstal op te vangen. Er zijn vier verschillende manieren voorzien om de huurwaarborg te voldoen:
- U kan kiezen om de huurwaarborg te voldoen in een geldsom. In dat geval dient u het bedrag te plaatsen op een geblokkeerde bankrekening op uw naam als huurder (= geïndividualiseerde rekening).
- Ofwel kiest u er als huurder voor om, op uw naam, een zakelijke zekerheidsstelling te plaatsen bij een financiële instelling.
- U kan opteren om hulp in te roepen van het OCMW, indien u daarvoor in aanmerking komt. Het OCMW zal dan een overeenkomst sluiten met een bank voor het bedrag van de huurwaarborg.
- De laatste mogelijkheid is een persoonlijke borgstelling als vorm van huurwaarborg. Dit is enkel mogelijk mits akkoord van de verhuurder. Hierbij zal een natuurlijke of rechtspersoon zich borg stellen voor het bedrag van de huurwaarborg. Deze borgstelling loopt niet verder wanneer er een nieuwe huurovereenkomst wordt afgesloten of indien deze wordt beëindigd.
Het is niet mogelijk af te wijken van de bovenstaande mogelijkheden, of om de mogelijkheden te combineren. Bovendien is het steeds de huurder zelf die kiest op welke manier hij de huurwaarborg ter beschikking wenst te stellen aan de verhuurder.
Als u het moeilijk heeft om de drie maanden huur voor de huurwaarborg bijeen te sprokkelen, dan kan u bij het Vlaams Woningfonds een renteloze huurwaarborglening aanvragen.
Op het einde van de huurovereenkomst krijgt de huurder, indien deze zijn verplichtingen is nagekomen, de huurwaarborg (inclusief interesten) terug.
Indien er schade zou zijn of de huurder is achterstallig geweest met het betalen van de huur, dan kan de verhuurder zich beroepen op de huurwaarborg om de financiële schade die hij hierdoor geleden heeft te vergoeden.
Opgelet: Brussels en Waals Gewest
In Brussel geldt er een andere regeling, hier geldt de Vlaamse Woninghuurwet voor woninghuurovereenkomsten tot 1 januari 2018. Voor woninghuurovereenkomsten gesloten na deze datum geldt de Brusselse Huisvestingscode.
In Wallonië is het nog anders geregeld, daar gold de Vlaamse Woninghuurwet tot 1 september 2018 en vanaf dan gelden de regels van het Waals Woninghuurdecreet op alle huurcontracten, ook deze die reeds liepen.
Aarzel dan zeker niet om ons te contacteren!
mocht U als huurder problemen ervaren of als verhuurder met vragen zitten omtrent hoe U Uw huurwaarborg kan bekomen, of in het algemeen verdere informatie wensen omtrent het voorgaande.